Seks in het interviewkamertje?

 

Door: Ella Evers

Datum: 3 augustus, 2001

Van een ooggetuige

Om te begrijpen hoe tegenwoordige devotees van Sai Baba over hem denken, zou ik graag willen illustreren hoe ik voor mijzelf van seksuele ongepastheid, waarvan ik met mijn eigen ogen getuige was, niets wilde weten. Mijn verhaal betreffende Sai Baba begon in 1986, toen een alternatieve genezer mij een boek over Sai Baba had gegeven en mij foto’s van zijn ashram liet zien. Ik was toen al vele jaren iemand die op spiritueel gebied naar het hogere streefde. Ik was student en ingewijde van een mystieke school. Tevens was ik alternatief genezer.

Door mijn man voor te lezen uit het boek "De Belichaming van Liefde’ (door Peggy Mason en Ron Laing), waren wij beiden diep onder de indruk. Het feit dat Sai Baba tijdens een van hun interviews die Peggy en Ron bij hem hadden, vertelde dat hij inderdaad de Vader was die Jezus naar de aarde had gezonden, gaf onze ziel hoop en vreugde. Het was de wetenschap dat God, zoals hij had beloofd, deze wereld niet was vergeten en dat hij nu bij ons woonde in menselijke vorm, in een afgelegen Indiaas dorp, Puttaparthi geheten. Het leek te mooi om waar te zijn, maar wij wilden het van ganser harte geloven. Wij namen Sai Baba’s leringen aan en begonnen in 1986 een Sai Centrum in Eugene, Oregon. De leringen zouden het menselijk karakter moeten motiveren, de volgende deugden in praktijk te brengen:

Vrede, Waarheid, Rechtschapenheid, Liefde en Geweldloosheid. Zijn leringen omvatten ook de essentie en eenheid van alle religies.

Sai Baba had, als Avatar/God, verklaard:

‘Er is slechts n religie, de religie van de liefde’

‘Er is slechts n taal, de taal van het hart’

‘Er is slechts n ras, het ras van de mensheid’

‘Er is slechts n God en hij is overal aanwezig (Alwetend, Alomtegenwoordig, Almachtig).’

Devotees geloven dat Sai Baba als de God der Goden geen kwaad kan doen en dat Baba een ieder van zijn devotees beter kent dan zij zichzelf kennen. Het leven van een devotee is in zijn handen. Men gelooft dat hij de belichaming is van transcendentale waarheid, puur zonder enige begeerte.

In de zomer van 1989 maakten mijn man, mijn dochter en ik een reis naar India om Sai Baba te bezoeken. Voor mijn dochter en mij was dit onze derde reis. Wanneer een devotee Sai Baba’s ashram bezoekt, is het eerste waar hij aan denkt, ‘naar darshan te gaan’. Dit betekent Sai Baba te zien rondgaan tussen de menigten devotees. Ik werd nooit voor een interview naar binnen geroepen. Dat wordt namelijk beschouwd als de hoogste eer en diepste ervaring. Dit werd uiteindelijk opgevat als het van dichtbij aanschouwen van God. Niets ter wereld kan belangrijker zijn voor een toegewijde volgeling van Sai Baba.

Gedurende die zomer van 1989 voegden mijn man, mijn dochter en ik ons bij een internationale groep in de ashram in Puttaparthi, Zuid-India, met de hoop onze kansen voor een groepsinterview te vergroten. Begin september was dan dat allerbelangrijkste ogenblik gekomen. Zes weken lang zaten we tweemaal per dag vele uren wachtend op Swami, zoals hij liefdevol wordt genoemd, om hem langzaam kuierend tussen de menigten, die keurig door de vrijwilligers, Seva Dals genoemd, werden opgelijnd, te zien voortbewegen.

Mijn dochter merkte op, dat zij zag dat onze Russische vriend uit Moskou (aan de tegenovergestelde kant van het tempelplein, waar de mannen gescheiden van de vrouwen zitten) door Swami voor een interview naar binnen werd geroepen. Dit was het teken dat alle mannen van onze groep, alsmede de vrouwen ervan, die tegenover de tempel (Mandir genaamd) zaten, hem mochten volgen naar de veranda van de tempel. Dat was toen Swami’s verblijfplaats. Duizenden devotees keken naar ons, wetend dat dit het spirituele en psychologische hoogtepunt van ons leven was. Veel mensen zaten, huilend van vreugde, op de veranda. Toen Swami terugkeerde van zijn rondgang, verwelkomde hij onze groep. Wij werden naar binnen geleid in een tamelijk kleine kamer met een vloer die op graniet of marmer leek. Er stonden geen meubelen; alleen een stoel, die op een troon leek, was er te zien. Swami deed het licht aan en ging op zijn troon zitten. Wij allen zaten al in yoga-houding op de vloer. Sai Baba begon op zeer zachte toon vragen te stellen en een korte toespraak te houden over God en Jezus. Na een praatje van vijf minuten riep hij twee Indiase jongemannen naar binnen in zijn heiligdom achter een gordijn van zwarte stof, dat over een stang waaraan de gordijnringen waren bevestigd, kon worden verschoven.

Nadat de beide jongens naar binnen waren gegaan, werd het gordijn gesloten.Tot mijn verrassing kon ik vanuit de hoek waar ik zat nog steeds in het Heilige der Heilige (Sanctum Sanctorum) naar binnen kijken, in de binnenste interviewkamer. Swami zat weer op een andere troon in dit binnenste Sanctum. Ik zag de beide jongemannen voor Baba staan. Werkelijk zeer vreemd, daar devotees nooit groter mogen zijn dan de Avatar. Mensen die vragen stellen tijdens de darshan, knielen dikwijls voor zij Sai Baba naderen. De Seva Dal vrijwilligers die gedurende darshan zorgen voor gezag en orde, lopen constant met de knien half gebogen, om zichzelf kleiner te doen lijken dan Swami. Iedereen die gedurende darshan rechtop zou gaan staan, zou onmiddellijk van deze vrijwilligers te verstaan hebben gekregen, te gaan zitten.

De Indiase jongens bleken langer te zijn dan Sai Baba op zijn troon. Ik begreep er niets van en bleef kijken. Plotseling zag ik dat Sai Baba de ritssluiting van de broek van de jongeman die links stond, opentrok. Ik keek enigszins ongelovig naar Sai Baba en vertrouwde niet wat mijn ogen zagen. Sai Baba zag onmiddellijk dat ik hem en de jongens kon zien --- hij verliet zijn troon, sprong naar voren met zijn ogen geheel op mij gevestigd en trok het gordijn dicht voor mijn ogen.

Het gezegde van een goede devotee: Zuiverheid van Gedachten, Woorden en Daden, flitste door mijn geest. Ik geloofde toen dat hij mijn onzuivere gedachten had gelezen. Ik was naakt tegenover God komen te staan. Wat ik had gezien, begon ik onmiddellijk te onderdrukken. Niet hij, maar ik was fout!

Pas vorig jaar, in juni 2000, nadat ik de brief over het seksuele wangedrag van Sai Baba met een vijftienjarige jongen had gelezen, wist ik zeker, dat ik mijn man moest vertellen wat ik had gezien en al die jaren had verzwegen, omdat ik met de moed der wanhoop een goede devotee wilde zijn.

Wat ik zoveel jaren geleden zag, zie ik nu gebeuren met de overblijvende Sai Baba devotees. Zij geloven dat men nooit negatief moet denken. Alles is wl en goed wat Sai Baba betreft, die zelf heeft gezegd: ‘Mijn leven is mijn boodschap’. Wij leven in een wereld van goed en kwaad en alles wat daar tussenin is. De uiterlijke wereld weerspiegelt de innerlijke wereld. Wij moeten het kwaad in ons en buiten ons bestrijden. Devotees zeggen: ‘Kijk eens wat goed, gratis ziekenhuizen en scholen’. Zij moeten goed begrijpen dat deze gebouwen en diensten worden betaald met donaties of vrijwillige diensten van devotees.

Dit is een oproep aan alle devotees om wakker te worden en in te zien dat er inderdaad veel kwaad geschiedt onder de dekmantel van goede leringen.

Ik ben advocaat voor kinderen, gerechtigheid en waarheid en als zodanig verzoek ik devotees om, zoals ik, in alle oprechtheid naar de waarheid te zoeken om de donkere kant van Sai Baba te ontdekken.

Tijdens dat interview in 1989 zou ik beter hebben moeten begrijpen dat er met Sai Baba iets niet in de haak was. Al deze jaren moest ik wachten om tot het besef te komen dat, wat ik met eigen ogen had gezien, inderdaad onzuiver was, niet in mijn wijze van denken of willen, maar alleen in de zijne. Door nader onderzoek heb ik uit veel bedigde verklaringen van over de hele wereld het bewijs gevonden dat Baba inderdaad niet alleen een pedofiel is, maar ook een seksueel gedegenereerde.

Veel ex-devotees bidden dat devotees niet langer zullen worden misleid en voor de Waarheid zullen uitkomen, en helpen een einde te maken aan deze misdaden tegen jongemannen.

Weet dat:

Kwaad gedijt wanneer goede mannen en vrouwen niets ondernemen.